De laatste dag

 

Het vroor, het woei, het was de afgelopen dagen ijsberenkoud. En voor lekker schaatsijs was het al helemaal niks. Zo'n prachtig watertje, vlakbij de deur jammerlijk misvormd door waaigaten en waaizand. En nog erger: ziek!!! Zieker met het vooruitzicht dat heel Nederland zou schaatsen zonder mij. En toen...... die laatste dag. Oliebollendag. De ommekeer. Zonder wind, zonder ziek, met zon, eropaf, vanmorgen nog, even kijken of het houdt!!

De Oude Aardenburgsche haven. Over het geteerde hek, ter hoogte van het  WasBosje. Een wijdse ijsvlakte, een paar schoenen, werkschoenen, maatje veel te groot voor mij. En paar. Op het ijs schaatstrepen. Dat is toch zo mooi, maagdelijk ijs met strakke vlijmscherpe,sneeuwwitte  schaatsafdrukken. Het kan dus!!

Maar waar is die schaatser? Ik kijk, tegen de zon in, richting Aardenburg: een kaal ontkleide polder, doorsneden met kronkelend ijs. En paar schoenen. Is dat ijs wel zo betrouwbaar? Een grote vent in deze weidsheid moet je toch zien? Ineens begin ik wat schichtig om me heen te kijken, is dit krakende ijs wel sterk genoeg, sta ik nu op zo'n waaiplek die maandag nog niet eens dicht lag? Snel schuifel ik naar de overkant, kruip de namaakdijk op voor een beter zicht. Geen mens. Ik speur onbewust de ijsvlaktes af naar wakken met spartelende kerels....... niets. Onzeker schuifel ik terug naar de weg, niet wetend wat te doen. Met je schaatsen aan ga je niet lopen, je schaats altijd terug naar je schoenen. Kan ik zomaar weggaan? Waar is die vent?

Een auto stopt. Een knappe mevrouw met twee kindjes vraagt me of het ijs betrouwbaar is. Ehm..., nog niet echt. We praten wat en ik stuur haar verder Nederland in. Als ze dat doet staat mijn besluit vast: ik moet op zoek! Nog n keer staar ik tegen de zon in en gohhh wat een opluchting: daar is hij, een klein stipje in de verre verte! Even later rijd ik tevreden naar huis  met een ijsverslag van een ervaringsdeskundige. Snel een boterhammetje, mijn schaatsen liggen al klaar, over een uurtje staan mijn schoenen aan de ijskant.

 

 

Een uurtje later ben ik er weer. Onhandig stuntelend zoek ik mijn evenwicht. Rechts en links schittert het ijs me tegemoet.

 

  (klik op de afbeelding voor grootbeeld)

 

Linksaf, richting Aardenburg. Dat geluid..... heerlijk, het zwarte ijs, de stilte, de ruimte. Voorzichtig zoekend naar het ijs wat er strak uitziet, waaiplekken vermijdend en tegelijkertijd het nieuwe natuurgebied verkennen. Ook dit is ontpolderen,  tot op het zand ontpolderd, een situatie, een indeling die werkelijk nooit en te nimmer bestaan heeft, onzinnig maar ook dat kan mooi zijn. Links in de winterzon het tof van de boer die hier boerde:

 

 

De zin en onzin van die eindeloze discussie flitst al schaatsend door mijn hoofd.  Het is er, het is er voor ons, laat dat heel duidelijk zijn! Ook voor mij, krauwend op mijn hockeyschaatsen. Kijk om je heen, kijk vooruit, kijk terug en bepaal je route.

 

     

 

Ken jij dat geluid van schaatsen op natuurijs? Geluid dat je vooruit snelt en de echo die achter je aan komt. Zwart hard ijs waar elke slag een vlijmscherpe streep trekt en ijskristallen als vuurwerk omhoog doet spatten. IJs gevuld met prachtige drie dimensionale luchtbellen mozaeken, super, zonde dat elke slag al die schoonheid een klein beetje vernielt.

          

 

Aardenburg heb ik niet gehaald. Vreemd genoeg staat het water daar lager, en niet omdat het land er ietsje hoger ligt. Steeds vaker valt de oude kreek er droog en moet er gekluund worden. De volgende waterplas ligt echt telkens een stukje lager, raar. Na een tijdje ben ik het klunen zat en draai maar terug, terug naar Draaibrug. IJspret, zeker weten!

 

31 december 2008

tekst: tb

foto's: tb